Belastingplannen Prinsjesdag 2021

Op Prinsjesdag zijn de fiscale kabinetsplannen voor 2022 gepresenteerd. We behandelen hieruit de onbelaste thuiswerkvergoeding, de bijtelling emissievrije auto’s, de milieu-investeringsaftrek, de fiscale regeling aandelenoptierechten, het gebruikelijk loon voor de DGA bij start-ups en de startersvrijstelling overdrachtsbelasting bij onvoorziene omstandigheden.  

Onbelaste thuiswerkvergoeding
Thuiswerken zorgt voor extra kosten voor de werknemer. Bijvoorbeeld voor water- en elektriciteitsverbruik, verwarming, toiletpapier en koffie en thee. De werkgever kan per 1 januari 2022 een onbelaste thuiswerkvergoeding toekennen. Het Nibud heeft vastgesteld dat de extra kosten bij thuiswerken gemiddeld € 2 per thuisgewerkte dag bedragen. Het kabinet neemt deze uitkomst over en stelt voor uit te gaan van een vrijstelling voor een forfaitair bedrag van maximaal € 2 per thuisgewerkte dag of deel daarvan.

De onbelaste reiskostenvergoeding voor woon-werkverkeer blijft bestaan. Deze bedraagt maximaal € 0,19 per kilometer. De werkgever kan per dag óf de thuiswerkkostenvergoeding, óf de reiskostenvergoeding geven. Werknemer en werkgever kunnen vaste afspraken maken over het aantal dagen per week waarop de werknemer thuiswerkt. Op basis hiervan kan de werkgever een vaste vergoeding toekennen. Zo hoeft de werkgever niet per werkdag bij te houden welke vergoeding hij toekent. De vaste vergoeding hoeft niet te worden aangepast als incidenteel op een thuiswerkdag toch op kantoor wordt gewerkt, of andersom. Wanneer de werknemer structureel meer gaat thuiswerken of naar kantoor gaat, dan moet de vaste vergoeding worden aangepast.

Bijtelling emissievrije auto’s
De korting op de bijtelling blijft tot en met 2025 behouden. Wel wordt de maximumwaarde van de auto waarvoor de bijtellingskorting geldt eerder verlaagd dan in het Klimaatakkoord is afgesproken. Dit betekent dat de vanaf 1 januari 2022 geldende korting van 6% op de bijtelling wordt toegepast op een waarde tot € 35.000 en vanaf 2023 op een waarde tot € 30.000. Voor het resterende bedrag boven deze waarden geldt het normale bijtellingspercentage van 22%. Zo worden goedkopere emissievrije auto’s aantrekkelijk voor de zakelijke markt. Ook zijn deze auto’s na de leaseperiode interessant voor particulieren op de tweedehandsmarkt.

Milieu-investeringsaftrek (MIA)
Milieuvriendelijke bedrijfsmiddelen zijn vaak duurder dan het minder milieuvriendelijke alternatief. Met de MIA mogen bedrijven een percentage van de investeringskosten voor innovatieve milieuvriendelijke bedrijfsmiddelen aftrekken van de fiscale winst. Zij hoeven dan minder inkomsten- en vennootschapsbelasting te betalen. Het kabinet verhoogt vanaf 1 januari 2022 de percentages, zodat milieuvriendelijke investeringen aantrekkelijker worden. Voorgesteld wordt om per 1 januari 2022 de percentages van de MIA te verhogen van 13,5%, 27% en 36% naar respectievelijk 27%, 36% en 45%. Bovendien wordt het beschikbare budget voor de periode 2022-2024 opgehoogd met € 30 miljoen.

Fiscale regeling aandelenoptierechten
Werkgevers bieden medewerkers soms aandelenopties als loon aan in plaats van een regulier salaris. Start-ups en scale-ups doen dit bijvoorbeeld omdat deze jonge ondernemingen nog niet genoeg geld hebben om een passend salaris te betalen. Aandelenoptierechten worden nu belast op het moment dat ze worden uitgeoefend, dus worden omgezet in aandelen. Op dat moment zijn er echter niet altijd voldoende liquide middelen beschikbaar om de verschuldigde belasting te voldoen. Dit maakt het minder aantrekkelijk om gebruik te maken van aandelenoptierechten als loon.

Het moment van heffing van de belasting wordt verschoven naar het moment waarop de bij uitoefening van het aandelenoptierecht verkregen aandelen verhandelbaar zijn. Op dat moment kan een deel van de aandelenoptierechten indien nodig immers wel worden verkocht en daarmee kan de belastingplichtige over liquide middelen beschikken om zijn verschuldigde belasting te betalen. Aangezien niet in alle gevallen sprake is van een gebrek aan liquiditeiten voorziet het wetsvoorstel ook in een keuzeregeling voor de werknemer. Onder voorwaarden en naar keuze van de werknemer vindt heffing dan net als nu plaats bij uitoefening.

Gebruikelijk loon bij start-ups voor de directeur-grootaandeelhouder (DGA)
Het kabinet heeft de (tijdelijke) regeling voor gebruikelijk loon voor start-ups verlengd tot 1 januari 2023. Het gebruikelijk loon voor de DGA mag de eerste 3 jaar worden vastgesteld op het wettelijk minimumloon. Zo kunnen DGA’s loonkosten besparen terwijl ze hun bedrijf opzetten.

Onvoorziene omstandigheden bij startersvrijstellig overdrachtsbelasting
Om de startersvrijstelling of het verlaagde tarief (2%) toe te passen, moeten kopers voldoen aan de voorwaarde dat zij de woning langdurig als hoofdverblijf gaan gebruiken. In sommige situaties lukt dat niet. Bijvoorbeeld als kopers scheiden, of als een van beiden komt te overlijden. De huidige regeling houdt rekening met deze onvoorziene omstandigheden na overdracht bij de notaris. De kopers hoeven dan niet het algemene tarief van 8% te betalen. De startersvrijstelling of het lage tarief blijft in stand.

Vanaf 1 januari 2022 wordt ook rekening gehouden met onvoorziene omstandigheden die zich eerder voordoen. De kopers hoeven niet alsnog het algemene tarief van 8% te betalen als zij voldoen aan de volgende drie voorwaarden:

  1. De onvoorziene omstandigheid vindt plaats tussen het tekenen van het koopcontact en het moment van overdracht bij de notaris.
  2. Door de onvoorziene omstandigheid kan de koper niet voldoen aan het hoofdverblijfcriterium (langere tijd in de woning wonen).
  3. De koper legt een ‘verklaring overdrachtsbelasting onvoorziene omstandigheden’ af, waarin hij aangeeft dat hij (of de persoon van wie hij heeft geërfd) tussen de datum van ondertekening van het koopcontract en de datum van de onvoorziene omstandigheid het voornemen had de woning als hoofdverblijf te gebruiken. Ook verklaart hij dat de onvoorziene omstandigheid de reden is dat hij redelijkerwijs niet in staat is de woning anders dan tijdelijk als hoofdverblijf te gaan gebruiken.

Tijd dringt voor aanvraag NOW 4.0

Het loket voor de aanvragen van NOW-subsidie voor de periode juli tot en met september 2021 sluit op 30 september 2021. De tijd begint dus te dringen als u nog gebruik wilt maken van deze tegemoetkoming in de loonkosten. Om voor de NOW-subsidie in aanmerking te komen moet u een minimaal omzetverlies hebben van 20%. Ten opzichte van eerdere aanvraagperiodes zijn er enkele belangrijke verschillen. U kunt in de laatste NOW-periode maximaal 80% omzetverlies opvoeren in uw aanvraag, ook als uw werkelijke omzetverlies groter is. Het omzetverlies was in de eerdere aanvraagperiodes niet gemaximeerd. Ten opzichte van de vorige aanvraagperiode is de referentiemaand februari 2021 geworden in plaats van juni 2020.

Tip

De NOW-regeling is een complexe regeling, zo is gebleken. Wilt u voor de periode juli tot en met september NOW-subsidie aanvragen, vraag dan uw adviseur om u daarbij te helpen.

 

Tijd dringt voor aanvraag NOW 4.0

Het loket voor de aanvragen van NOW-subsidie voor de periode juli tot en met september 2021 sluit op 30 september 2021. De tijd begint dus te dringen als u nog gebruik wilt maken van deze tegemoetkoming in de loonkosten. Om voor de NOW-subsidie in aanmerking te komen moet u een minimaal omzetverlies hebben van 20%. Ten opzichte van eerdere aanvraagperiodes zijn er enkele belangrijke verschillen. U kunt in de laatste NOW-periode maximaal 80% omzetverlies opvoeren in uw aanvraag, ook als uw werkelijke omzetverlies groter is. Het omzetverlies was in de eerdere aanvraagperiodes niet gemaximeerd. Ten opzichte van de vorige aanvraagperiode is de referentiemaand februari 2021 geworden in plaats van juni 2020.

Tip

De NOW-regeling is een complexe regeling, zo is gebleken. Wilt u voor de periode juli tot en met september NOW-subsidie aanvragen, vraag dan uw adviseur om u daarbij te helpen.

 

Meer tijd voor vaststellingsverzoek TVL Q1

Hebt u TVL-subsidie ontvangen in het eerste kwartaal van 2021 (Q1)? In dat geval hebt u inmiddels een mail van de RVO ontvangen met het verzoek om het definitieve bedrag van de TVL Q1 vast te laten stellen. U had daarvoor nog tot 1 oktober a.s. de tijd, maar de aanvraagtermijn is onlangs met zes weken verlengd. U moet het vaststellingsverzoek nu uiterlijk op 12 november 2021 hebben ingediend. U gaat hiervoor naar mijn.rvo.nl/tvl en vervolgens naar ‘Aanvraag Beheren’. In het vaststellingsformulier geeft u de werkelijke omzet in het eerste kwartaal aan. Dit formulier heeft de RVO al grotendeels ingevuld met behulp van gegevens van de Belastingdienst. Bent u het met de ingevulde gegevens eens, dan kunt u akkoord geven. Zo niet, dan past u de gegevens aan.

 Tip

Zorg dat u de juiste bewijsstukken bijvoegt. Dit verkort de afhandelingsduur.

 

Meer tijd voor vaststellingsverzoek TVL Q1

Hebt u TVL-subsidie ontvangen in het eerste kwartaal van 2021 (Q1)? In dat geval hebt u inmiddels een mail van de RVO ontvangen met het verzoek om het definitieve bedrag van de TVL Q1 vast te laten stellen. U had daarvoor nog tot 1 oktober a.s. de tijd, maar de aanvraagtermijn is onlangs met zes weken verlengd. U moet het vaststellingsverzoek nu uiterlijk op 12 november 2021 hebben ingediend. U gaat hiervoor naar mijn.rvo.nl/tvl en vervolgens naar ‘Aanvraag Beheren’. In het vaststellingsformulier geeft u de werkelijke omzet in het eerste kwartaal aan. Dit formulier heeft de RVO al grotendeels ingevuld met behulp van gegevens van de Belastingdienst. Bent u het met de ingevulde gegevens eens, dan kunt u akkoord geven. Zo niet, dan past u de gegevens aan.

 Tip

Zorg dat u de juiste bewijsstukken bijvoegt. Dit verkort de afhandelingsduur.

 

Verzoek tijdig om teruggaaf buitenlandse btw 2020

Bent u een btw-ondernemer aan wie door ondernemers in een andere EU-lidstaat in 2020 buitenlandse btw in rekening is gebracht? Die btw kunt u terugvragen via de Belastingdienst, mits het teruggaafverzoek tijdig is ingediend. Hiervoor moet u inloggen op een speciale website. Zodra het teruggaafverzoek is ingediend, stuurt de Belastingdienst dit verzoek binnen 15 dagen door naar de belastingdienst van het EU-land waar de btw wordt teruggevraagd. Duurt dit langer, dan maakt u  mogelijk aanspraak op coulancerente. De teruggaafverzoeken moeten uiterlijk op 30 september 2021 bij de Belastingdienst zijn ingediend. Uitstel is niet mogelijk.

Tip

Dien uw teruggaafverzoek niet op het laatste moment in. In het verleden raakte het teruggaafportaal overbelast, waardoor aanvragen te laat bij de Belastingdienst binnenkwamen. Deze aanvragen hoeven door andere EU-lidstaten niet in behandeling te worden genomen.

 

Verzoek tijdig om teruggaaf buitenlandse btw 2020

Bent u een btw-ondernemer aan wie door ondernemers in een andere EU-lidstaat in 2020 buitenlandse btw in rekening is gebracht? Die btw kunt u terugvragen via de Belastingdienst, mits het teruggaafverzoek tijdig is ingediend. Hiervoor moet u inloggen op een speciale website. Zodra het teruggaafverzoek is ingediend, stuurt de Belastingdienst dit verzoek binnen 15 dagen door naar de belastingdienst van het EU-land waar de btw wordt teruggevraagd. Duurt dit langer, dan maakt u  mogelijk aanspraak op coulancerente. De teruggaafverzoeken moeten uiterlijk op 30 september 2021 bij de Belastingdienst zijn ingediend. Uitstel is niet mogelijk.

Tip

Dien uw teruggaafverzoek niet op het laatste moment in. In het verleden raakte het teruggaafportaal overbelast, waardoor aanvragen te laat bij de Belastingdienst binnenkwamen. Deze aanvragen hoeven door andere EU-lidstaten niet in behandeling te worden genomen.

 

Aanvraagtermijn vaststelling TVL Q1 2021

Hebt u een TVL-subsidie ontvangen in het eerste kwartaal van 2021 (Q1)? In dat geval hebt u inmiddels een mail van de RVO ontvangen met het verzoek om het definitieve bedrag van de TVL Q1 vast te laten stellen. U gaat hiervoor naar mijn.rvo.nl/tvl en vervolgens naar ‘Aanvraag Beheren’. In het vaststellingsformulier geeft u de werkelijke omzet in het eerste kwartaal aan. Dit formulier heeft de RVO al grotendeels ingevuld met behulp van gegevens van de Belastingdienst. Bent u het met de ingevulde gegevens eens, dan kunt u akkoord geven. Zo niet, dan past u de gegevens aan. U hebt tot 1 oktober 2021 de tijd om de aanvraag voor de definitieve vaststelling van TVL Q1 te doen.

Tip

Zorg dat u de juiste bewijsstukken bijvoegt. Dit verkort de afhandelingsduur.

 

Aanvraagtermijn vaststelling TVL Q1 2021

Hebt u een TVL-subsidie ontvangen in het eerste kwartaal van 2021 (Q1)? In dat geval hebt u inmiddels een mail van de RVO ontvangen met het verzoek om het definitieve bedrag van de TVL Q1 vast te laten stellen. U gaat hiervoor naar mijn.rvo.nl/tvl en vervolgens naar ‘Aanvraag Beheren’. In het vaststellingsformulier geeft u de werkelijke omzet in het eerste kwartaal aan. Dit formulier heeft de RVO al grotendeels ingevuld met behulp van gegevens van de Belastingdienst. Bent u het met de ingevulde gegevens eens, dan kunt u akkoord geven. Zo niet, dan past u de gegevens aan. U hebt tot 1 oktober 2021 de tijd om de aanvraag voor de definitieve vaststelling van TVL Q1 te doen.

Tip

Zorg dat u de juiste bewijsstukken bijvoegt. Dit verkort de afhandelingsduur.

 

Ontslag om coronaposts LinkedIn

Een stafmedewerkster kennismanagement van een zorginstelling krijgt een waarschuwing vanwege haar LinkedIn-posts waarin ze zeer kritische berichten over het landelijke vaccinatie- en testbeleid deelt. Ze gaat er echter mee door. Haar werkgever volgt het landelijke beleid en vindt dat de gedeelde berichten voor haar mogelijk schadelijk zijn. Een verzoek om ontbinding van de arbeidsovereenkomst volgt.

Vrijheid van meningsuiting
Het recht op vrije meningsuiting is in de arbeidsrelatie niet onbegrensd. De werknemer dient zich als goed werknemer te gedragen. Bij de beoordeling daarvan gaat het om de aard van de meningsuiting, de motieven van de werknemer, de schade die de werkgever door de uitingen lijdt en de zwaarte van de opgelegde sanctie.

Toetsing
De medewerkster heeft volgens de rechter twee soorten LinkedIn berichten geplaatst of gedeeld.

Allereerst gaat het om berichten waarin zij waarschuwt voor de gevaren van vaccineren tegen COVID-19 met het doel om een discussie te voeren over het vaccinatiebeleid en de wetenschappelijke onderbouwing daarvan. Daarmee wil ze deelnemen aan een maatschappelijke debat vanwege haar zorgen over de aanpak van de COVID-19-crisis. Verder is er geen achterliggend persoonlijk doel of motief zoals persoonlijke wrok of financieel gewin. De werkgever heeft door deze berichten geen schade geleden en zal ze moeten dulden.

De medewerkster heeft echter ook berichten geplaatst of gedeeld die specifiek gericht zijn tegen mensen die meewerken aan het landelijke, en ook door de werkgever uitgevoerde (vaccinatie)beleid, waarin zij deze mensen (oorlogs)misdadigers noemt die persoonlijk aansprakelijk zijn voor hun handelen, waarin vaccineren als genocide wordt bestempeld en/of waarbij zij vergelijkingen trekt met de Tweede Wereldoorlog. Met het plaatsen van deze berichten heeft ze een grens overschreden die niet noodzakelijk was voor het door haar nagestreefde doel, terwijl de inhoud daarvan kwetsend is geweest voor haar eigen collega’s. Deze uitlatingen had de medewerkster als goed werknemer daarom niet publiek mogen maken.

Ontbinding arbeidsovereenkomst
De medewerkster ziet niet in dat zij in haar toonzetting te ver is gegaan en heeft nooit afstand gedaan van de berichten. Daarmee heeft zij ook geen poging ondernomen om de al toegebrachte schade te herstellen. Daarom kan van de werkgever in redelijkheid niet langer worden verlangd het dienstverband voort te zetten. Dit betekent dat de arbeidsovereenkomst wordt ontbonden vanwege verwijtbaar handelen van de medewerkster. Ze krijgt wel de wettelijke transitievergoeding.

Let op: De coronacrisis heeft veel verhoudingen op scherp gezet. Met de beste bedoelingen ingenomen standpunten hebben hier en daar ook op de werkvloer tot een diepe controverse geleid. De toonzetting in relatie tot collega’s kan er toe leiden dat van goed werknemerschap geen sprake meer is.