Btw-regels internetverkopen over de grens met ingang van 1 juli 2021 gewijzigd

Op 1 juli 2021 zijn nieuwe btw-regels voor grensoverschrijdende internetverkopen van goederen en diensten (e-commerce) in werking getreden. De nieuwe regels gelden voor internetverkopen aan particulieren en niet-ondernemers. Deze leveringen en diensten worden vanaf 1 juli 2021 belast in het land van bestemming. Om registratie en btw-aangifte doen in andere EU-lidstaten te voorkomen, kunt u zich laten registreren voor het nieuwe éénloketsysteem: het One Stop Shop (OSS)-loket. U kunt dan de buitenlandse btw over de afstandsverkopen in Nederland voldoen.

Tip

Raadpleeg uw adviseur of registratie voor de OSS-regeling verstandig is. De nieuwe btw-regels voor e-commerce gelden namelijk bijvoorbeeld niet voor ondernemers die alleen in Nederland gevestigd zijn met een totale grensoverschrijdende jaaromzet van minder dan € 10.000. Deze categorie ondernemers blijft voor de afstandsverkopen btw-plichtig in Nederland.

 

Regeling uitstel van betaling belastingschulden met nog een kwartaal verlengd

Het is toch nog tot 1 oktober 2021 mogelijk dat u voor het eerst uitstel van betaling of verlenging van het uitstel wegens corona kunt aanvragen bij de Belastingdienst. Met ingang van die datum moet u weer voldoen aan alle nieuw opkomende fiscale betalingsverplichtingen. Heeft u op basis van de oude regeling al verlenging van eerder verkregen uitstel gekregen, dan loopt het uitstel automatisch door tot 1 oktober 2021. De opgebouwde belastingschuld hoeft u dan niet meteen af te lossen. U moet hier uiterlijk op 1 oktober 2022 mee beginnen. Ook mag er langer over doen. De aflossingstermijn is namelijk verlengd van 36 maanden naar 60 maanden. Als voorwaarde voor deze ruimhartige regeling geldt wel dat u met ingang van 1 oktober 2021 aan alle nieuw opkomende betalingsverplichtingen voldoet!

Tip

Hebt u eerder een aanvraag voor drie maanden uitstel ingediend en nog nooit verlengd  en kunt u na deze drie maanden niet aan uw betalingsverplichtingen voldoen? Zorg er dan voor dat u vóór 1 oktober 2021 verlenging van het uitstel aanvraagt. Doet u dit niet, dan loopt u het risico om uitgesloten te worden voor de betalingsregeling van 60 maanden.

Regeling uitstel van betaling belastingschulden met nog een kwartaal verlengd

Het is toch nog tot 1 oktober 2021 mogelijk dat u voor het eerst uitstel van betaling of verlenging van het uitstel wegens corona kunt aanvragen bij de Belastingdienst. Met ingang van die datum moet u weer voldoen aan alle nieuw opkomende fiscale betalingsverplichtingen. Heeft u op basis van de oude regeling al verlenging van eerder verkregen uitstel gekregen, dan loopt het uitstel automatisch door tot 1 oktober 2021. De opgebouwde belastingschuld hoeft u dan niet meteen af te lossen. U moet hier uiterlijk op 1 oktober 2022 mee beginnen. Ook mag er langer over doen. De aflossingstermijn is namelijk verlengd van 36 maanden naar 60 maanden. Als voorwaarde voor deze ruimhartige regeling geldt wel dat u met ingang van 1 oktober 2021 aan alle nieuw opkomende betalingsverplichtingen voldoet!

Tip

Hebt u eerder een aanvraag voor drie maanden uitstel ingediend en nog nooit verlengd  en kunt u na deze drie maanden niet aan uw betalingsverplichtingen voldoen? Zorg er dan voor dat u vóór 1 oktober 2021 verlenging van het uitstel aanvraagt. Doet u dit niet, dan loopt u het risico om uitgesloten te worden voor de betalingsregeling van 60 maanden.

Tijd dringt voor aanvraag NOW-subsidie vijfde tranche

Momenteel loopt de vijfde tranche van de NOW-regeling. Daarmee kunt u een tegemoetkoming krijgen van maximaal 85% van uw loonkosten als u door de coronacrisis ten minste 20% omzetverlies lijdt. Deze tranche loopt nog tot 1 juli 2021. U kunt de NOW voor deze tranche aanvragen tot en met 30 juni 2021. Het kabinet heeft onlangs beslist dat de NOW-regeling nog een kwartaal wordt voortgezet. U kunt dus ook nog voor de maanden juli tot en met september 2021 gebruikmaken van deze subsidie mocht dat nodig zijn.

 Tip

Zet de datum van 30 juni a.s. in uw (digitale) agenda, zodat u uw subsidieaanvraag tijdig indient.

Tijd dringt voor aanvraag NOW-subsidie vijfde tranche

Momenteel loopt de vijfde tranche van de NOW-regeling. Daarmee kunt u een tegemoetkoming krijgen van maximaal 85% van uw loonkosten als u door de coronacrisis ten minste 20% omzetverlies lijdt. Deze tranche loopt nog tot 1 juli 2021. U kunt de NOW voor deze tranche aanvragen tot en met 30 juni 2021. Het kabinet heeft onlangs beslist dat de NOW-regeling nog een kwartaal wordt voortgezet. U kunt dus ook nog voor de maanden juli tot en met september 2021 gebruikmaken van deze subsidie mocht dat nodig zijn.

 Tip

Zet de datum van 30 juni a.s. in uw (digitale) agenda, zodat u uw subsidieaanvraag tijdig indient.

Betaal vóór 1 juli 2021 de lijfrentepremie bij omzetting oudedagsreserve voor aftrek in 2020

Wilt u uw oudedagsreserve omzetten in een lijfrente bij een bank of verzekeraar en de lijfrentepremie nog in uw IB-aangifte 2020 in aftrek brengen? Zorg er dan voor dat u de premie op tijd betaalt. De lijfrentepremie is alleen nog aftrekbaar in 2020 als u de premie uiterlijk betaalt vóór 1 juli 2021. U mag in het jaar van staking nog wel toevoegen aan de oudedagsreserve, maar dit bedrag moet u dan wel mede gebruiken voor een lijfrente. Ook aan de overige voorwaarden voor toevoeging aan de oudedagsreserve moet u hebben voldaan. Vraag uw adviseur hiernaar.

Tip

Met de vorming van de oudedagsreserve kan u de winst jaarlijks afromen, zonder dat u werkelijk een uitgave doet. Het is eigenlijk niet meer dan een papieren reserve in de vorm van een aftrekpost. U bouwt dus niet werkelijk een oudedagsvoorziening op! Maar als u uw onderneming staakt, wordt de oudedagsreserve wel bij uw winst geteld en moet u er alsnog belasting over betalen. U doet er daarom verstandig aan om – als u de financiële mogelijkheden daartoe heeft – ook werkelijk liquide middelen opzij te zetten ter grootte van de jaarlijkse toevoeging aan de oudedagsreserve.

Betaal vóór 1 juli 2021 de lijfrentepremie bij omzetting oudedagsreserve voor aftrek in 2020

Wilt u uw oudedagsreserve omzetten in een lijfrente bij een bank of verzekeraar en de lijfrentepremie nog in uw IB-aangifte 2020 in aftrek brengen? Zorg er dan voor dat u de premie op tijd betaalt. De lijfrentepremie is alleen nog aftrekbaar in 2020 als u de premie uiterlijk betaalt vóór 1 juli 2021. U mag in het jaar van staking nog wel toevoegen aan de oudedagsreserve, maar dit bedrag moet u dan wel mede gebruiken voor een lijfrente. Ook aan de overige voorwaarden voor toevoeging aan de oudedagsreserve moet u hebben voldaan. Vraag uw adviseur hiernaar.

Tip

Met de vorming van de oudedagsreserve kan u de winst jaarlijks afromen, zonder dat u werkelijk een uitgave doet. Het is eigenlijk niet meer dan een papieren reserve in de vorm van een aftrekpost. U bouwt dus niet werkelijk een oudedagsvoorziening op! Maar als u uw onderneming staakt, wordt de oudedagsreserve wel bij uw winst geteld en moet u er alsnog belasting over betalen. U doet er daarom verstandig aan om – als u de financiële mogelijkheden daartoe heeft – ook werkelijk liquide middelen opzij te zetten ter grootte van de jaarlijkse toevoeging aan de oudedagsreserve.

Bewaar bewijs aftrekposten

Uw aangifte inkomstenbelasting is ingestuurd en na enkele maanden wordt de aanslag conform de aangifte opgelegd. Vier jaar later krijgt u een vragenbrief over in uw aangifte opgevoerde aftrekposten, onder meer voor een implantaat bij de tandarts. Betalingsbewijzen of andere bewijzen hebt u dan echter niet meer. Wat nu?

Bewijslast
Als u aanspraak maakt op toepassing van aftrekposten, brengt een redelijke verdeling van de bewijslast mee dat u aannemelijk maakt dat u aan de voorwaarden voor aftrek in aanmerking komt. Dat kan met betalingsbewijzen of andere schriftelijke bescheiden. Uw verklaring, dat u de kosten hebt gemaakt, kan geloofwaardig zijn, maar daarmee voldoet u meestal niet aan de bewijslast.

Hoewel de wet voor particulieren geen bewaarplicht van stukken kent, komt het voor rekening en risico van de belastingplichtige dat hij de betalingsbewijzen en andere schriftelijke bescheiden van aftrekposten niet heeft bewaard. Ook als pas na vier jaar vragen worden gesteld.

Toetsing door Belastingdienst
De Belastingdienst mag opgevoerde uitgaven in aftrek toelaten als deze niet met bewijsstukken zijn onderbouwd. Bijvoorbeeld omdat de inspecteur het toch voldoende aannemelijk acht dat de belastingplichtige de uitgaven heeft gedaan. Maar dat hoeft niet het geval te zijn. De Belastingdienst is niet verplicht om binnen een bepaalde termijn bewijsstukken op te vragen.

Tip: Bewaar ook als particulier bewijsstukken en betalingsbewijzen van uw aftrekposten. In sommige gevallen kunt u ze na tien jaar nog nodig hebben.   

Werknemer vraagt ontslag: transitievergoeding?

Een rij-instructeur wordt op 30 april 2020 wegens de coronacrisis ontslagen. Zijn advocaat protesteert schriftelijk, waarna de werkgever het ontslag intrekt. De werkgever betaalt echter geen achterstallig loon, ook niet na rechterlijke tussenkomst. Dan vraagt de instructeur de kantonrechter om de overeenkomst te ontbinden onder toekenning van de transitievergoeding en een billijke vergoeding.

Ontbinding op verzoek werknemer
De kantonrechter kan op verzoek van de werknemer de arbeidsovereenkomst ontbinden wegens omstandigheden die van dien aard zijn dat de arbeidsovereenkomst billijkheidshalve dadelijk of na korte tijd behoort te eindigen. Daarvan is hier sprake, omdat de Verkeersschool het loon nog steeds niet (volledig) heeft voldaan. Het laten voortduren van het dienstverband, met het risico op oplopende schulden, kan niet van de instructeur worden gevergd. De kantonrechter ontbindt de arbeidsovereenkomst.

Transitievergoeding bij ontbinding op verzoek werknemer
Bij een verzoek van de werknemer tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst geldt als voorwaarde voor verschuldigdheid van de transitievergoeding dat sprake is van ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van de werkgever.

De kantonrechter overweegt dat de belangrijkste verplichting van een werkgever is om het reguliere maandloon volledig en tijdig te voldoen. De instructeur heeft maandenlang niet het (volledige) loon uitbetaald gekregen, ondanks diverse verzoeken hiertoe en een kortgeding-procedure. Hierdoor is de instructeur in financiële problemen gekomen. De werkgever heeft wel een NOW-vergoeding voor de loonkosten aangevraagd. Daarom is sprake van ernstig verwijtbaar handelen aan de kant van de werkgever en wordt een transitievergoeding toegekend.

Billijke vergoeding
De rechter kan een billijke vergoeding toekennen als de ontbinding het gevolg is van ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van de werkgever. Dat is hier het geval, zodat de billijke vergoeding wordt toegewezen. De kantonrechter acht een bedrag van € 10.000,00 bruto passend als billijke vergoeding.

Concurrentie- en relatiebeding
Vanwege het ernstig verwijtbaar handelen en/of nalaten van de werkgever, vervalt ook de werking/geldigheid van het concurrentie- en relatiebeding in de arbeidsovereenkomst.

Let op: De coronacrisis heeft veel kleinere werkgevers in de problemen gebracht. Stoppen met betalen van loon geldt desondanks als ernstig verwijtbaar handelen jegens de werknemer(s).

Arbeidsovereenkomst of overeenkomst van opdracht?

Een zelfstandige ingenieur bedenkt en ontwikkelt magnetische koppelingen voor een bedrijf dat deze produceert. Hij factureert al vier jaar maandelijks de overeengekomen fee met BTW.  Dan wil het bedrijf de samenwerking binnen drie weken stoppen. De ingenieur stelt dat sprake was van een arbeidsovereenkomsten en van onterecht ontslag op staande voet. Hij claimt totaal ruim € 325.000 aan vergoedingen. Hoe oordeelt de rechter?

Toetsingskader
Het gaat om de rechten en verplichtingen die partijen bij het aangaan van hun rechtsverhouding voor ogen stonden, maar ook om de  wijze waarop partijen uitvoering en inhoud hebben gegeven aan hun rechtsverhouding.

Beoordeling
Volgens de rechter is geen sprake geweest van een arbeidsovereenkomst. Uit niets blijkt immers dat partijen een arbeidsovereenkomst voor ogen heeft gestaan, niet in de schriftelijke vastlegging en evenmin in de gedragingen van partijen. De ingenieur kreeg betaald door iedere maand, op briefpapier van zijn eenmanszaak, zijn fee in rekening te brengen, vermeerderd met omzetbelasting. Over vakantietoeslag, vakantiedagen en/of pensioen, zaken die toch onlosmakelijk verbonden zijn met een arbeidsovereenkomst, is nooit met één woord tussen partijen gesproken.

Het kan zijn dat de ingenieur, zoals hij beweert, alles aan zijn boekhouder gaf en zich niet bezighield met de financiële kant van de zaak, maar ook de boekhouder heeft kennelijk geen aanleiding gezien hem erop te wijzen dat hij, recht zou hebben op een vakantietoeslag. De boekhouder heeft ook nooit gevraagd om loonstroken en/of jaaropgaven. Kortom, ook volgens de boekhouder was van een arbeidsovereenkomst geen sprake

Het maandelijks factureren van een vast bedrag voor vier dagen werken in de week doet weliswaar denken aan ‘arbeid’ en ‘loon’, maar hier tegenover staat dat de ingenieur zelf bepaalde waar en wanneer hij werkte en hij voerde geen overleg over het opnemen van bijvoorbeeld vakantie. Bovendien mocht hij er opdrachten voor anderen naast doen. De ingenieur was een vrij man en zo gedroeg hij zich ook. Uiteindelijk heeft juist dit onafhankelijke gedrag geleid tot de wens van de opdrachtgever om de samenwerking te beëindigen.

Oordeel rechter
Van een arbeidsovereenkomst was geen sprake. De uitsluitend op een arbeidsovereenkomst gebaseerde claims zijn daarom niet toewijsbaar. Bovendien wordt de ingenieur veroordeeld in de kosten van de procedure.

Redelijkheid en billijkheid
De rechter merkt nog op dat het onder omstandigheden in strijd met de redelijkheid en de billijkheid kan zijn een duurcontract zoals de overeenkomst tussen de ingenieur en de opdrachtgever op een termijn van drie weken  eenzijdig op te zeggen. Dat heeft de advocaat van de ingenieur echter niet gesteld. Daarom kan de kantonrechter daar niets over zeggen.

Let op: Als opdrachtgever kan het u gebeuren, dat een door u langdurig ingeschakelde zzp-er achteraf stelt dat hij altijd in dienstbetrekking heeft gewerkt. Zorg er daarom voor dat de samenwerking, op papier en vooral ook in de feitelijke uitvoering, zo weinig mogelijk elementen van een arbeidsovereenkomst bevat. We adviseren u hier graag over.