Subsidie elektrische auto 2020

In het kader van het Klimaatakkoord komt de regering met een subsidie voor elektrische auto’s. De regeling is bedoeld om elektrisch rijden in een middenklassenauto voor particulieren dichterbij te brengen. Het gaat om € 4.000 voor een nieuwe en € 2.000 voor een gebruikte elektrische auto. Naast subsidie komt er voor gebruikte auto’s een standaard check op de batterij. Wat zijn de hoofdlijnen van de regeling?

De subsidie geldt voor emissieloze personenauto’s, zowel gebruikt als nieuw, met een oorspronkelijke cataloguswaarde tussen de € 12.000 en € 45.000 euro en minimale actieradius van 120 kilometer. De auto moet wel enkele jaren in Nederland bij dezelfde eigenaar blijven. Als mensen hun leasecontract binnen vier jaar beëindigen, stopt ook de subsidie, die in maandelijkse termijnen wordt uitbetaald. Eigenaren die binnen drie jaar een andere auto kopen, betalen een deel van de subsidie terug.

Om misbruik te voorkomen kan de subsidie alleen worden verkregen bij aankoop of lease via een erkend bedrijf en kan een particulier slechts één keer subsidie aanvragen.

Elektrische auto’s hebben een steeds lagere aanschafprijs. Daarom loopt het subsidiebedrag voor nieuwe auto’s de komende jaren terug. Voor gebruikte auto’s blijft het € 2.000.

De regeling wordt naar verwachting in mei of begin juni definitief vastgesteld. Elektrische auto’s die vanaf dat moment privé gekocht of geleaset worden komen in aanmerking voor de subsidie, die vanaf 1 juli aangevraagd kan worden bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO).

Tip: Overweegt u als particulier een elektrische middenklasser aan te schaffen, wacht dan tot de regeling definitief is.

Doe tijdig suppletieaangifte en voorkom belastingrente

U moet een suppletieaangifte indienen, zodra duidelijk wordt dat u te veel of te weinig btw hebt betaald. Hebt u te weinig btw betaald? In dat geval wordt u belastingrente verschuldigd vanaf de eerste dag na afloop van het kalender- of boekjaar waarop die btw betrekking heeft. Dit voorkomt u door de suppletieaangifte in te dienen binnen drie maanden na afloop van het kalenderjaar waarop de suppletie betrekking heeft. Er wordt dan geen belastingrente berekend, mits de suppletie een vrijwillige verbetering is. Wel kunt u eventueel een verzuimboete krijgen.

Let op: Bedragen tot € 1.000 mogen worden verrekend in de eerstvolgende btw-aangifte. Hiervoor hoeft u dus geen suppletieaangifte te doen.

Doe tijdig suppletieaangifte en voorkom belastingrente

U moet een suppletieaangifte indienen, zodra duidelijk wordt dat u te veel of te weinig btw hebt betaald. Hebt u te weinig btw betaald? In dat geval wordt u belastingrente verschuldigd vanaf de eerste dag na afloop van het kalender- of boekjaar waarop die btw betrekking heeft. Dit voorkomt u door de suppletieaangifte in te dienen binnen drie maanden na afloop van het kalenderjaar waarop de suppletie betrekking heeft. Er wordt dan geen belastingrente berekend, mits de suppletie een vrijwillige verbetering is. Wel kunt u eventueel een verzuimboete krijgen.

Let op: Bedragen tot € 1.000 mogen worden verrekend in de eerstvolgende btw-aangifte. Hiervoor hoeft u dus geen suppletieaangifte te doen.

Einde uitstel administratieve verplichtingen lage WW-premie nadert

Sinds 1 januari 2020 wordt de WW-premie bepaald door de aard van het arbeidscontract. U betaalt de lage premie (2,94%) bij een schriftelijke arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd, die geen oproepovereenkomst is. In de andere gevallen betaalt u de hoge premie (7,94%). Wilt u de lage premie kunnen toepassen, dan moet u de schriftelijke contracten voor werknemers die voor onbepaalde tijd in dienst zijn, bij de loonadministratie bewaren. Ontbreken de schriftelijke contracten, dan moet u deze alsnog opstellen. U mag hiervoor ook een aanvulling in uw loonadministratie opnemen, waaruit blijkt dat sprake is van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd die geen oproepovereenkomst is. Deze aanvulling moet door u en uw werknemer ondertekend zijn. Voor arbeidsovereenkomsten van werknemers die voor 1 januari jl. al bij u voor onbepaalde tijd in dienst waren, heeft u tot 1 april 2020 de tijd gekregen om dit allemaal voor mekaar te maken. Voldoet u op 1 april 2020 niet aan alle voorwaarden, maar wordt de  arbeidsovereenkomst daarna wel voortgezet, dan bent u met terugwerkende kracht tot 1 januari 2020 alsnog de hoge WW-premie verschuldigd. Zorg dus dat u alles tijdig klaar heeft!

Einde uitstel administratieve verplichtingen lage WW-premie nadert

Sinds 1 januari 2020 wordt de WW-premie bepaald door de aard van het arbeidscontract. U betaalt de lage premie (2,94%) bij een schriftelijke arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd, die geen oproepovereenkomst is. In de andere gevallen betaalt u de hoge premie (7,94%). Wilt u de lage premie kunnen toepassen, dan moet u de schriftelijke contracten voor werknemers die voor onbepaalde tijd in dienst zijn, bij de loonadministratie bewaren. Ontbreken de schriftelijke contracten, dan moet u deze alsnog opstellen. U mag hiervoor ook een aanvulling in uw loonadministratie opnemen, waaruit blijkt dat sprake is van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd die geen oproepovereenkomst is. Deze aanvulling moet door u en uw werknemer ondertekend zijn. Voor arbeidsovereenkomsten van werknemers die voor 1 januari jl. al bij u voor onbepaalde tijd in dienst waren, heeft u tot 1 april 2020 de tijd gekregen om dit allemaal voor mekaar te maken. Voldoet u op 1 april 2020 niet aan alle voorwaarden, maar wordt de  arbeidsovereenkomst daarna wel voortgezet, dan bent u met terugwerkende kracht tot 1 januari 2020 alsnog de hoge WW-premie verschuldigd. Zorg dus dat u alles tijdig klaar heeft!

Minder werk door Coronavirus – vraag werkverkorting en WW-uitkering aan

Heeft u minder werk als gevolg van het Coronavirus? U kunt dan onder voorwaarden werktijdverkorting en een WW-uitkering aanvragen voor uw werknemers. Het kabinet heeft namelijk dit virus aangemerkt als een bijzondere situatie die niet onder het normale ondernemersrisico valt, waardoor u van deze regeling gebruik kunt maken. Een voorwaarde voor de regeling is verder dat u verwacht dat u door het Coronavirus voor een periode van minimaal 2 tot maximaal 24 weken minstens 20% minder werk zult hebben. Als u voldoet aan de voorwaarden, kunt u een vergunning voor werktijdverkorting aanvragen bij het ministerie van SZW. De vergunning geldt maximaal zes weken, maar kan zo nodig worden verlengd tot maximaal 24 weken.

Heeft u de vergunning voor werktijdverkorting ontvangen, dan meldt u dit direct bij het UWV. U kunt dan na afloop van de vergunning een WW-uitkering aanvragen voor uw personeel.

Minder werk door Coronavirus – vraag werkverkorting en WW-uitkering aan

Heeft u minder werk als gevolg van het Coronavirus? U kunt dan onder voorwaarden werktijdverkorting en een WW-uitkering aanvragen voor uw werknemers. Het kabinet heeft namelijk dit virus aangemerkt als een bijzondere situatie die niet onder het normale ondernemersrisico valt, waardoor u van deze regeling gebruik kunt maken. Een voorwaarde voor de regeling is verder dat u verwacht dat u door het Coronavirus voor een periode van minimaal 2 tot maximaal 24 weken minstens 20% minder werk zult hebben. Als u voldoet aan de voorwaarden, kunt u een vergunning voor werktijdverkorting aanvragen bij het ministerie van SZW. De vergunning geldt maximaal zes weken, maar kan zo nodig worden verlengd tot maximaal 24 weken.

Heeft u de vergunning voor werktijdverkorting ontvangen, dan meldt u dit direct bij het UWV. U kunt dan na afloop van de vergunning een WW-uitkering aanvragen voor uw personeel.

Laat vooringevulde gegevens aangifte IB 2019 controleren en aanvullen

Op 1 maart jl. is de aangifteronde voor de aangifte inkomstenbelasting 2019 van start gegaan. U heeft onlangs – net als ruim 8 miljoen mensen met u – mogelijk ook de uitnodiging ontvangen voor het doen van deze aangifte. De Belastingdienst vult de aangifte al voor een groot deel in. Zo zijn de jaaropgaven van uw loon, pensioen, lijfrentetermijnen en andere uitkeringen al ingevuld. Dat geldt ook voor de WOZ-waarde van uw eigen woning, de aftrekbare hypotheekrente en de hypotheekschuld. Ook banksaldi en de (waarde) van andere vermogensbestanddelen in box 3 zijn al ingevuld. Toch is het zinvol om alle vooringevulde gegevens goed te (laten) controleren. Er wordt nog weleens een foutje gemaakt of de gegevens zijn niet compleet. U bent en blijft zelf verantwoordelijk en aansprakelijk voor de aangifte, ook als de Belastingdienst onjuiste gegevens heeft ingevuld. Daarnaast moet u de aangifte nog aanvullen met de niet vooringevulde gegevens die van toepassing zijn op uw inkomenssituatie. Dat kunnen bijvoorbeeld aftrekposten zijn zoals giften, ziektekosten, studiekosten en betaalde partneralimentatie.

Laat vooringevulde gegevens aangifte IB 2019 controleren en aanvullen

Op 1 maart jl. is de aangifteronde voor de aangifte inkomstenbelasting 2019 van start gegaan. U heeft onlangs – net als ruim 8 miljoen mensen met u – mogelijk ook de uitnodiging ontvangen voor het doen van deze aangifte. De Belastingdienst vult de aangifte al voor een groot deel in. Zo zijn de jaaropgaven van uw loon, pensioen, lijfrentetermijnen en andere uitkeringen al ingevuld. Dat geldt ook voor de WOZ-waarde van uw eigen woning, de aftrekbare hypotheekrente en de hypotheekschuld. Ook banksaldi en de (waarde) van andere vermogensbestanddelen in box 3 zijn al ingevuld. Toch is het zinvol om alle vooringevulde gegevens goed te (laten) controleren. Er wordt nog weleens een foutje gemaakt of de gegevens zijn niet compleet. U bent en blijft zelf verantwoordelijk en aansprakelijk voor de aangifte, ook als de Belastingdienst onjuiste gegevens heeft ingevuld. Daarnaast moet u de aangifte nog aanvullen met de niet vooringevulde gegevens die van toepassing zijn op uw inkomenssituatie. Dat kunnen bijvoorbeeld aftrekposten zijn zoals giften, ziektekosten, studiekosten en betaalde partneralimentatie.

Onzakelijke lening betekent afkoop pensioen DGA

Een bouwondernemer krijgt te maken met een executoriale verkoop van onroerend goed dat eigendom was van zijn (pensioen-)BV. Hij heeft de restantopbrengst opgenomen uit de BV. Hierdoor beschikte de BV niet meer over liquide middelen. De activa bestonden enkel nog uit vorderingen op de ondernemer (DGA) van in totaal ruim € 360.000. Er zijn leningsovereenkomsten. Toch gaat het fiscaal flink mis, waarom?

Onzakelijke leningen
Volgens de Belastingdienst en de rechter waren het onzakelijke leningen. Zakelijk handelen door de BV (in de persoon van belanghebbende in zijn hoedanigheid van aandeelhouder) vereiste een herbelegging van de gelden in een financieel gezond investeringsobject. De BV heeft er, direct na de ontvangst van de gelden, voor gekozen om de herbelegging te gieten in de vorm van leningen aan de DGA. Ten tijde van het aangaan van de nieuwe leningen was de persoonlijke financiële positie van belanghebbende echter dermate zwak dat reeds bij het aangaan van de nieuwe leningen aannemelijk was dat een reële kans op terugbetaling ontbrak.

Afkoop totale pensioenaanspraak
Dit betekent afkoop van de pensioenaanspraak die de DGA op de BV heeft. De totale pensioenaanspraak, bijna € 350.000, wordt tot het belastbaar inkomen uit werk en woning  gerekend. Bovendien wordt zogenaamde revisierente in rekening gebracht.

Tip: Het blijft uitkijken met geld lenen van de eigen BV. De Belastingdienst kan proberen aannemelijk te maken dat een onzakelijke lening moet worden beschouwd als een uitkering ineens van het gehele pensioen uit de eigen BV.